|
Klasse
Vogels
-
Aves
.
Vogels
broeden vaak op de heide omdat het er rustig is. Op de bodem leven
voldoende insecten voor ze. Ze kunnen vanuit de bomen hun vijanden op
grote afstand zien.
De
meeste vogelsoorten gaan sterk achteruit. In de weekeinden zijn er veel
wandelaars die de vogels (onbewust) verstoren.
Hier
tref je vogels aan die thuishoren bij de heide. De vogels die bij de
Malpie zijn waargenomen, hebben een # voor hun naam.
---
Orde
zangvogels - Passeriformes
Familie Kraaien
-
Corvidae
.
#Vlaamse gaai - Garrulus glandarius, 34 cm
Een Vlaamse gaai wil nog wel eens een mierenbad nemen. Hij gaat dan op zijn hurken zitten, spreidt zijn vleugels uit en drukt zijn staart tegen de grond. Hij kiest dan een mierenhoop waarin mieren wonen die als ze zich bedreigd voelen mierenzuur op hun vijanden spuiten. De vogel laat de mier omhoog klimmen langs zijn veren of zet hem er met zijn snavel op. Men denkt dat een vogel dat doet om zich te ontdoen van zijn veerluizen. De luizen kunnen namelijk niet tegen het mierenzuur.
De Vlaamse gaai heeft een lichtblauwe vleugelvlek, een gestreepte kruin en
een witte stuit met rossig gekleurd lijf.
Ze verzamelen en verstoppen veel eikels. Ze leven van insecten, wormen, larven en soms vangen ze een muis. Ook zijn pas uitgekomen jongen en eitjes van andere vogels niet veilig. Zijn gedrag is
erg schuw.
Vlaamse gaaien bootsen de geluiden na van diverse andere bosvogels.
Ze bouwen een rommelig nest in een boom of grote struik ver boven de grond. Het bestaat uit takken en is gevoerd met wortels, haar en vezels.
.
#
Ekster - Pica pica, 45 cm
Het is een standvogel. De ekster is
zwart-wit gekleurd met een metaalgroene gloed en een heeft een lange staart van 20-25 cm.
Eksters voeden zich met insecten, slakken, kleine zoogdieren, bessen en zaden. Ook jongen van andere vogels en gewonde vogels. Eieren van fazanten en patrijzen horen bij zijn lievelingsmaal.
Het nest bestaat uit kleine takken, gras en bladeren in een boom of grote struik. Boven het nest is een dak van takken en
het heeft één opening. Het is gevoerd met modder en plantaardig materiaal.
Nadat de jongen zijn uitgekomen trekken ze nog tot de winter met hun ouders op.
.
#Zwarte kraai
- Corvus corone corone, 47 cm
De zwarte kraai is een jaarvogel en voor een deel een trekvogel.
Kraaien worden beschouwd als zeer intelligente dieren. Ze zijn leergierig en hebben een goed aanpassingsvermogen.
De zwarte kraai is helemaal zwart.
Hij is vaak in de buurt van water en zoekt aan de oevers naar voedsel. Vooral in de winter vormen ze samen grote zwermen.
Kraaien zijn alleseters en zijn niet kieskeurig. De zwarte kraai staat erom bekend een eierdief te zijn. Het voedsel bestaat verder nog uit insecten en hun larven, slakken,
wormen, aas, zaden, eikels, granen, muizen, vogeltjes, afval en dode dieren. Ze hamsteren hun voedsel.
Ze bouwen hun flinke nest hoog in een boom en dat is opgebouwd uit een buitenrand van takken, een middenlaag van fijne takken, wortels, zand en gras en de voering van haar en schorsvezels.
Ze vormen paartjes voor het leven.
.
Kauw - Corvus monedula, 33 cm
De kauw is een jaarvogel en een veel voorkomende broedvogel.
Ze nemen wel eens een rookbad door op de rand van schoorstenen te gaan zitten om zo parasieten te verdrijven.
Kauwen staan erom bekend dat ze dol zijn op alles wat glinstert en dat meenemen naar hun nest. In een gedicht van Richard Harris 'De kauw van Reims' is de kauw onsterfelijk gemaakt.
Hij heeft een grijze kop en een blauwachtige glans op zijn zwarte verenpak. De vleugels zijn
zwart en glimmend. Ze zijn kleiner dan andere leden van de kraaienfamilie.
Ze eten granen, fruit en insecten, eieren en jongen van andere vogels.
Kauwen nestelen in kolonies. Hun nest bestaat uit enorme opeengestapelde takken wat gevoerd is met haar en schors. Ze nemen ook wel oude nesten in beslag van grotere vogels.
---
Orde
zangvogels - Passeriformes
familie
Spreeuwen
-
Sturnidae
.
Spreeuw - Sturnus vulgaris, 22 cm
Middelgrote vogel met plompe bouw, tamelijk rechte snavel en vrij korte staart. Overwegend bruin verenkleed met metaalglanzend zwart, blauw, paars en groen. Ze hebben een gestippeld verenpak in de winter. De lange spitse snavel is in de winter donker gekleurd.
Het is een jaarvogel en broedvogel. In de wintermaanden zijn het spreeuwen uit het noorden die hier overwinteren
(Scandinavië en Rusland). Vooral tegen de schemering zijn ze in grote zwermen waar te nemen op weg naar hun rust- en slaapplaatsen. Soms zien hele bomen zwart van de vogels en eronder wit van hun uitwerpselen. Ze maken veel kabaal.
Hun hoofdvoedsel bestaat uit wormen, emelten e.a. insecten en spinnen.
Het geluid is een mengeling van allerlei tonen, ook nagebootste van andere vogels. Als hij zingt zetten zijn keelveren op en zijn halfgespreide vleugels klapperen
mee.
Het mannetje bouwt een ruw nest van stro of gras in een oud spechtengat. Het
vrouwtje voert het nest met bladeren en bloemenblaadjes.
---
Familie
echte boomkruipers - Certhiidae
Boomklevers - Sittidae, 12,5
Boomklevertje
- Sitta europaea, 14 cm
Stand- en algemene broedvogel en bosvogel. Het boomklevertje heeft een vrije lange gekromde snavel,
een gestroomlijnd lichaam, een korte staart en zeen warte oogstreep.
Deze vogel kan als enige zowel omhoog als omlaag de stammen van naaldbomen rennen. Dat doet hij met kleine rukjes, maar nooit met het kopje naar beneden, dus altijd achterstevoren.
Ze leven in paartjes samen. In de winter mengen ze zich vaak onder groepjes mezen en boomkruipers.
Het is een insecteneter, maar voedt zich vooral met spinnen; ook eet het graag hazelnoten, eikels en beukennootjes. Deze
worden in een wig geklemd in een boom en opengebeiterd met hun sterke snavel.
Het mannetje en vrouwtje zoeken samen een holte uit in een boom of een verlaten spechtennest. De ingang wordt met modder of mest verkleind en het nest zelf met blaadjes en schors.
Boomkruipers - Certhiidae
Rotskruiper
---
Familie
Vinken
-
Fringillidae
De
meeste vinken hebben een 'takvoet' waarmee ze op de grond goed kunnen
lopen.
Vink
- Fringilla coelebs,15 cm
Het verenkleed bestaat uit roodbruin en lichtblauw. Het mannetje is meestal opvallender getekend dan het vrouwtje. De vleugels hebben witte 'schilden' op de vleugels en witte buitenste staartveren. Het vrouwtje lijkt op
het vrouwtje van een mus, maar heeft wel wit op de vleugels en staartpennen.
Vinken zijn kleine, zaadetende zangvogels met een stevige snavel die is aangepast aan het specifieke voedsel van de soort. Ze eten o.a. beukennootjes, granen en onkruiden. De jongen krijgen
insecten als voedsel, rupsen, vliegen en spinnen. Vooral ‘s winters foerageren vinken dikwijls in zwermen van verschillende soorten.
Het vrouwtje bouwt een onopvallend nest van gras en mos in een boom. Het is gevoerd met veertjes en de buitenkant bestaat uit spinrag en korstmossen. Het mannetje vliegt wel steeds mee met het verzamelen van materiaal, maar helpt zelf niet mee.
.
Sijsje - Carduelis spinus, 12 cm
Het zijn drukke vogeltjes die allerlei acrobatische toeren uithalen. Ze leven hoofdzakelijk in naaldbossen of omgeving daarvan.
Ze hebben een grijsgroen verenpak en een gevorkte staart. Hij heeft een zwarte kop en gele vleugelstrepen. Het vrouwtje is groengeel
met donkere strepen aan de onderkant en is minder gestreept.
Hij eet het liefst berken- en elzenproppen/katjes. Sijsjes halen zaden uit spar- en dennenappels en voedsel uit elzen, berken, iepen en distels.
Het vrouwtje bouwt het stevige nest van kleine, bemoste takjes en voert het met wortels, haar en veertjes. Het zit meestal aan het eind van een tak.
.
Distelvink
of putter - Carduelis carduelis, 12 cm
De distelvink of putter is gemakkelijk als volwassen vogel te herkennen aan de
roodwitzwart getekende kop, de gele band in de zwarte vleugels, witte stuit en zwarte stuit. Helaas een schaars voorkomende broedvogel.
Het is een zaadeter. Hij wordt ook wel distelvink genoemd omdat hij graag de zaden van distels eet. Vogels in kooitjes kunnen een wateremmertje (putter-putten) optrekken om zo aan water te komen. Sinds de Vogelwet van 1936 zijn ze verboden om ze in een kooi te houden. Helaas niet in veel andere landen.
Hij eet paardebloemen, distelsoorten, kliskruidzaden, zaden van iep, beuk en bladluizen
In de herfst en winter komen hele zwermen hier voedsel halen. Dat zijn wintergasten.
Het vrouwtje bouwt een komvormig nest van mos meestal aan het eind van een tak. Ze nestelen vaak dichtbij elkaar.
.
Kruisbek - Loxia curvirostra
Soms
zijn er grote aantallen aan te treffen als er in Scandinavië te weinig
sparrenzaden te vinden zijn.
Ze
hebben een gekruiste snavel, de snavelpunten zijn over elkaar heen
gekromd. Ze steken de snavel tussen de schubben van de kegel en sluiten
dan hun bek. De punten van de snavel schuiven over elkaar heen zodat de
schubben van de kegel uit elkaar gaan en ze de zaden eruit kunnen pikken.
---
Familie
Mussen -
Passeridae
.
Huismus
- Passer domesticus, 14,5 cm
Een zeer algemeen voortkomende broedvogel.
Het mannetje heeft een bruinzwarte gestreepte bovenkant en grijze wangen, kruin en stuit. Het vrouwtje is bruin, heeft geen grijze stuit of zwarte kop en keel.
Hij eet een gevarieerd mengsel van dierlijk en plantaardig voedsel, vooral zaden van de brandnetels vinden ze een lekkernij.
Ze nestelen meestal in gebouwen en een enkele keer in holtes van bomen of in een nest van een andere vogel. Ze bouwen nooit hun eigen nest
Ze zitten graag met een aantal bij elkaar.
---
Familie
gorzen
- Emberizidae
Gorzen
zijn
op vinken lijkende zaadeters met een stevige snavel. Ze bewonen open
landschappen en mijden dan ook verstedelijkte gebieden. Ze leven en
broeden gewoonlijk op de grond of vlak erboven. Karakteristiek is de
golvende vlucht. De mannetjes zijn meestal kleurrijker dan de vrouwtjes.
Rietgors
- Emberiza
schoeniclus, Gorzen, 15 cm
Deze gors draagt zijn naam tegenwoordig minder terecht dan vroeger,
aangezien hij de laatste tijd zijn oorspronkelijke biotoop van rietlanden
en oeverbegroeiing heeft uitgebreid met droger terrein, zoals graan– en
koolzaadvelden en heidegebieden. Gebroed wordt echter nog steeds
hoofdzakelijk in rietkragen en moerassen. Vooral het mannetje is goed te
herkennen aan zijn zwarte tekening en de golvende vlucht.
Wit in nek en witte
startrand. Zwarte kop en keel.=Mannetje
Bruine kop + vrouwtje
Zwarte baardstreep, bruingestreepte bovendelen, witte buitenste staartpennen in ze zomer.
Heel het jaar te zien.
---
Familie
Leeuweriken - Alaudidae
Boomleeuwerik
- 15 cm
De
boomleeuwerik is een bekende vogel op de heide en broedt op de bodem, niet
in een boom (bodemvogel van open terrein). Ze lopen of rennen. Daardoor is
hun achterste klauw lang. Hun verenkleed is grondkleurig/bruinachtig en
heeft een kuif die niet goed zichtbaar is. De mannetjes en wijfjes zijn
hetzelfde getekend.
De
boomleeuwerik heeft een melodieus gezang. Zingend stijgt hij op en komt in
spiraalvormige kringen weer naar zijn territorium terug. 's Avonds en 's
nachts zingt hij vanuit een boom.
Schubert
schreef zijn beroemde lied: "Hör die Lerche singt." Je kunt in
zijn gezang de leeuweriken horen zingen.
---
Familie
Kwikstaarten en piepers -
Motacillidae
Graspieper
en duinpieper
De
graspieper leeft op de vochtige heide en broedt op graslanden.
De
duinpiepers leven op de zandgronden op de heide en is helaas een zeldzame
broedvogel in Nederland geworden..
---.
Familie
echte Mezen
-
Paridae
Fraai
getekende en kleurige, kleine bosvogels. Ze blijken ene hekel te hebben
aan grote trektochten. Ze hebben korte snavels en vrij
korte afgeronde vleugels. Gedragen zich als acrobaten.
.
#Koolmees - Parus major, 14 cm
Ze zijn gemakkelijk te herkennen aan de gele borst met zwarte band en witte wangen. De kop is
zwart-wit. De bovendelen zijn groen en grijsblauwe veren. Het vrouwtje heeft een smallere 'stropdas' dan het mannetje.
Koolmezen eten in de winter grote boomzaden en beukennootjes. In de zomer eten ze insecten, vooral langsnuittorren, maar ook spinnen.
Koolmeesjes hebben veel verschillende deuntjes met verschillende variaties. Het geluid wordt ook wel vergeleken met die van een fietspomp.
Ze nestelen in boomholten en ook in opgehangen nestkastjes. Hun nest bestaat uit mos en haar.
.
Pimpelmees - Parus caerulens, 11,5 cm
Een
pimpelmees heeft blauwe vleugels, een blauw 'petje', witte wangen en een heldergele onderkant.
Het is de grootste acrobaat onder de mezen. Het is niet schuw, heel levendig, soms brutaal. Ze zijn zeer behendig met hun poten en snavel.
Eet graag bladluizen, langsnuitkevers, rupsen en andere insecten, zaden
(vooral beukennootjes), graan of vruchten. Verzot op pinda's. Ook zoeken ze
in wilgenkatjes e.d. naar nectar.
Verzamelt nestmateriaal soms uit huizen, trekt zelfs behang los. Nestelt graag in muurspleten of boomholtes, maar ook in een opgehangen nestkastje met kleine opening. Het nest bestaat uit mos, droog gras en kleine takjes en is gevoerd met fijn gras en veertjes.
.
#Zwarte mees - Parus ater, 11 cm
Ze komen veel voor in naaldbossen.
Ze zwarte mees heeft een zwarte kop met een witte vlek in de nek. Hij heeft lange tenen waarmee hij zich goed aan de dennennaalden vast kan grijpen.
Zijn snavel is langer dan van andere mezen. Hiermee kan hij goed kleine insecten uit spleten halen of zaadjes uit dennenappels.Hij maakt een
voorraadje van zaden, noten en insecten.
Het nest van de zwarte mees wordt in een hol (vaak van muizen) of spleet van een boom gemaakt. Het nest wordt gevoerd met mos en haar.
.
#Kuifmees - Parus cristatus, 11
Ze
zoeken hun voedsel hoog in de bomen. In de winter eten ze ook zaden uit
kegels van dennen en sparren.
---
Familie
Staartmezen - Aegithalidae
Staartmees
- Aegithales caudates, 14 cm
Hun verenpak is zwart en wit, hun lijf is rozeachtig en ze hebben een lange staart.
Het is een insecten- en spinneneter. Ze hangen vaak ondersteboven aan een pootje en grijpen met het andere pootje hun voedsel. Ze houden zich vaak schuil en zijn daarom moeilijk te zien.
Het is een veel voorkomende broedvogel. Ze beginnen in februari/maart met het bouwen van hun nest. Het nest is koepelvormig in een ovaal met de opening dicht aan de bovenkant. De binnenkant wordt bekleed met donshaartjes, de buitenkant met spinrag. Het bouwmateriaal bestaat voornamelijk uit korstmossen, veertjes en haar. Het nest is heel fijn afgewerkt. Het wordt zowel door het mannetje als het vrouwtje gebouwd in een dicht struikgewas, heg of hoog in een boom. Met het voeden van hun jongen worden ze soms bijgestaan door familieleden die hun eigen jongen zijn kwijtgeraakt.
---
Familie
Goudhaantjes
- Regulidae
Goudhaantje,
Regulus regulus, 5 cm
---
Familie
echte klauwieren - Laniidae
Alle
soorten hebben een grote kop en stevige, lange snavel. Ze zijn roofzuchtig
en kunnen agressief zijn. .
#Klapekster - Lanius excubitor, 24 cm
De
klapekster leeft voornamelijk bij de berk en de grove den in de
heidevelden. De klapekster eet insecten, kleine vogels, muizen, hagedissen
en slangen. Deze grote vogel heeft een haaksnavel. Ze zitten vaak op een
uitkijkpost in een boom of op een paaltje. Een
van hun vreemdste veldkenmerken is dat ze hun voedsel en prooi op doornen
van struiken spietsen. Vaak vergeten ze hun prooi. Daardoor hebben ze de
naam moordenaars gekregen die doden zonder dat ze behoefte aan voedsel
hebben.
Het
is een steeds zeldzamere broedvogel geworden.
---
Familie
heggemussen - Prunelliidae
Heggenmus - Prunella modularis, 14, 5 cm
Een
heggenmus is geen mus en niet verwant aan de diksnavelige zaadeter. Het is
een insecteneter en heeft een scherpe snavel. Door zijn zang en gelijkenis
wordt de heggenmus ook wel een bastaardnachtegaal genoemd. Zijn gezang is
ons land het hele jaar door te horen. Het is een jaarvogel en een veel
voorkomende broedvogel van heggen en struikgewas. De koekoek zoekt vaak
het nest op van de heggenmus zodat zij de pleegouders van zijn jong worden.
---
Familie
winterkoninkjes -Troglodytidae
Het
zijn kleine vogeltjes met een dun spits snaveltje.
Aan
de naam winterkoning zit een legende verbonden. Een oud Europees verhaal
vertelt dat vogels vergaderde wie de koning van de vogels zou worden. Er
werd besloten dat de vogel wie het hoogste kon vliegen de titel zou
krijgen. De adelaar vloog het hoogste van alle vogels, maar een
winterkoninkje had zich verborgen op de rug van de adelaar. Het kon nog
een paar meters hoger vliegen dan de adelaar en schetterde luid dat
iedereen het kon horen.
Winterkoninkje
- Troglodytes troglodytes, 9,5 cm
Het is het een à kleinste vogeltje van onze inheemse broedvogels (kleinste is het goudhaantje). Het winterkoninkje heeft een korte, opgewipte staart en een tangachtige snavel.
Ze eten grote sprinkhanen, bladluizen, rupsen, larven en spinnen.
Het mannetje maakt een aantal grote kogelronde, koepelvormige nestjes van mossen, grassen en ander plantaardig materiaal in oevers, bomen of in oude nesten van andere vogels. De ingang zit opzij. Bekend staat dat ze die zelfs op hele vreemde plaatsen hebben gevonden. Het mannetje zingt dichtbij het nest om zo een vrouwtje te lokken. Het gelokte vrouwtje inspecteert ze allemaal en kiest er dan eentje uit. Ze bekleedt het nestje met veertjes en legt dan 5 tot 8 eitjes. Ze broedt ze zelf uit. De jongen worden door beide ouders gevoerd.
---
Familie
Grasmussen -
Sylviidae
Grasmus, Sylvia communis, Zangers
Tjiftaf
---
Familie
Lijsters - Turdidae
#Tapuit - Oenanthe oenanthe,
14 cm
De
tapuit leeft op droge en zandige terreinen op de heide. Waar heidevelden
zijn afgebrand, broeden veel tapuiten. Hij maakt zijn nest graag in
onbewoonde konijnenholen of tussen de heidestruikjes. Het is een
grondvogel, opvallend en aantrekkelijk gekleurd/getekend. Hij heeft een
grijsbruine bovenkant, een witte stuit en een zwarte staart. De bovenkant
is bij het mannetje in de zomer opvallend blauw en de onderkant
geelbruin, door het oog loopt een zwarte band, bovenkant is begrensd door
een witte streep. Het zijn insecteneters. Vrij schaarse broedvogel.
De roodborsttapuit -Saxicola
torquata- is een typische heidevogel en zie je vooral bij vliegdennen en berken.
#Merel - Turdus merula, 25 cm
Onze inheemse merels blijven het hele jaar door in Nederland en België. Door zijn zwarte, glimmende verenpak wordt hij ook wel eens zwarte lijster genoemd. De mannetjes zijn effen zwart met een oranjegele snavel en
lichte oogring. Ze hebben soms een paar witte veren. Het wijfje is bruingrijs, donker met lichte gevlekte onderkant en bruine snavel.
Hun avondzang is wat zachter en trager dan hun ochtendzang. In de herfst klinkt het
rustiger. Ze kennen verschillende geluiden voor diverse situaties.
Het wijsje van de merel heeft de componist Ludwig van Beethoven gebruikt als thema voor het derde deel van zijn (enige) beroemde vioolconcert.
Ze eten graag insecten, larven, wormen, rupsen, kikkervisjes, slakken, vruchten en bessen (cotoneaster, kamperfoelie en berberis)
en allerlei zaden.
Het vrouwtje bouwt het nest van droge plantendelen in een struik of heg. Het mannetje helpt haar met het verzamelen van materiaal. Het nest wordt verstevigd met modder en gevoerd met gras.
.
Kramsvogel
- Turdus pilaris, 25 cm
De kramsvogel heeft een grijze kop en romp en een kastanjebruine rug. Tijdens de vlucht lichten de witte ondervleugels op.
Kramsvogels komen in oktober in grote groepen van wel honderden vogels ons land binnen. Het is een wintergast. Hij houdt zich bij voorkeur op bij loofbossen en vooral de berk. Hij eet vooral bessen van de meidoorn, hulst en lijsterbes, verder naaktslakken, wormen en andere insecten en spinnen. Ze zijn dol op verrot fruit.
Het nest is in een takvorm van twijgjes gemaakt en wordt met modder en fijn gras bekleed. Het is in een boom gebouwd, maar kan ook op de grond voorkomen. Ze
vormen kolonies en hun opvallende nesten bouwen ze dicht bij elkaar. Ze zijn erg agressief
tegen indringers.
.
Grote lijster
- Turdus viscivorus, 22 cm
De grote lijster is groter dan een zanglijster en heeft een grijzer pak. Hij heeft lichte ondervleugels.
Je treft hem aan op open plekken in bossen met hoge bomen. Algemene broedvogel,
doortrekker en wintergast.
Ze eten insecten, wormen, larven, slakken, bessen en vruchten van de taxus, meidoorn en hulst.
Deze lijster begint in januari al met zingen. Zijn zang lijkt op die van een merel, maar is luider en feller.
Ze bouwen in het voorjaar een groot komvormig nest met takjes, grassen, mos en modder meestal in een boom waar drie stammen samenkomen.
.
Beflijster - Turdus
torquatas Ze hebben een duidelijke witte bef. Bij het vrouwtjes is dat wat
vager dan bij het mannetje. In de herfst, september en oktober, krijgen we
hier de populaties te zien als doortrekker naar het Middellandse-Zeegebied.
Ze komen uit Scandinavië en Engeland. Op de terugweg van half maart tot
eind mei kunnen we ze zeer zien. Ze houden erg van jeneverbessen.
.
Roodborstje
- Erithacus rubecula, 14 cm
De
tenen van een roodborstje zijn zo geplaatst dat ze gemakkelijk takjes
kunnen grijpen. De achterste teen is ook in staat goed over de grond te
hippen.
Ze
maken hun nest het liefs dicht bij de grond in een holte van een boom of
muur en bestaat uit een koepeltje van gras, mos en dorre bladeren.
Het
is een vrij schuw vogeltje dat in de winter dichtbij huizen te zien is.
Het kinderliedje 'Roodborstje tikt tegen het raam' geeft al aan dat ze bij
de mensen gaan bedelen in de winter.
Blauwborst
Vervolg
pagina Vogels 2
Update 21-10-2007
|